De leerlingen leren over de betekenis van de beiaard vroeger en denken na over de betekenis nu.
Haal kort terug wat je de vorige les hebt gedaan.
In week 3 hebben jullie behandeld wie er door de eeuwen heen klokken lieten gieten en waarvoor. De betekenis van klokken in vroeger tijden zit hierin verwerkt. De betekenis van de klokken volgde uit hun functie.
Heden ten dage hebben klokken niet meer zo’n duidelijke functie.
Bespreek dit aan de hand van de afbeelding.
Behandel het gedicht van Ida Gerhardt. Hieruit blijkt hoeveel het geluid van de beiaard kon betekenen voor mensen in moeilijke tijden. Dit zagen we ook al bij beiaardier Jacob Vincent in week 2.
De twee filmpjes gaan over actuele beiaardiers. Bekijk samen met de klas één of beide filmpjes.
Dit filmpje gaat over geplande bezuinigingen op de stadsbeiaardier van Tiel. Praat n.a.v. dit filmpje over de volgende dingen:
Interview met de stadsbeiaardier van Breda. Een jonge, eigentijdse beiaardier die aanstekelijk vertelt over hoe hij de boel vernieuwt. Hij zegt: “ik ga mijn eigen weg.” Hij zoekt de verjonging op.
Hij past altijd zijn repertoire aan op wat er gebeurt in de stad en in het land. En hij geeft voorbeelden. Hij vertelt ook over reacties die hij krijgt van mensen. En hij hoopt dat mensen zich er niet aan gaan irriteren. Hij beseft dat hij “voor de stad aan het spelen is”. Op het laatst gaat het over zijn voorganger, zijn overleden vader, en dan wordt hij een beetje emotioneel.
Behandel samen met de klas de vragen:
Je kunt dit doen door middel van een klassengesprek. Je kunt ook een stellingenwerkvorm gebruiken.
De leerlingen gaan bij elke stelling links (voor) of rechts (tegen) in de klas staan.
Vraag na elke stelling aan een aantal leerlingen hun keuze voor of tegen toe te lichten.
Stimuleer de leerlingen om op elkaar te reageren en niet alleen op de leerkracht. Je kunt daar een eenvoudige regel voor geven: reageer met: ‘ik vind dat ook, want…’ of: ‘ik vind dat niet, want…’ Zorg dat zij met elkaar in gesprek gaan met gebruik van argumenten.
Tip: als je merkt dat alle leerlingen aan één kant gaan staan omdat ze achter elkaar aan lopen, kun je zelf aan de andere kant gaan staan om de boel een beetje op te schudden. Geef je tegenargument en kijk wat er gebeurt.
Praat nog even na over de les en trek samen met de leerlingen conclusies over de beiaard toen en nu en de betekenis ervan.
Hebben je leerlingen gipsen klokjes gegoten? Dan kunnen zij deze nog versieren op een manier die weergeeft hoe zij zelf denken over het belang van de beiaard nu en in de toekomst. Ook als ze er niks aan vinden! Dan mogen ze dat tot uiting brengen. Het kan met losse woorden, een gedicht, een stukje songtekst, een tekening, het klokje beplakken met glitterstenen of foto’s of stukjes uit kranten.


